28 mei 2016

Simone!: stijlvolle show, stressvolle tijd


De geur in theaterzalen is angstaanjagend. Verwachting en spanning van het publiek, artiesten die zich – al dan niet gespannen – in het zweet werken, schrik, verdriet, woede, ontlading, plezier. Avond na avond stapelt het zich op. De zaal ademt stress, intimiteit, heftige emoties. Een andere verklaring is er niet.
 
Al zolang ik haar ken, vindt Wilka theaterzalen spannend. Ze vliegt overeind bij applaus, hijgt, wil het liefst op schoot, kan haar draai niet vinden. Als de voorstelling zelf dan ook nog eng is, houdt ze het niet meer en laat ze van zich horen. En dat terwijl ze in de meest uiteenlopende situaties de rust zelve is. Zelfs na een wat pijnlijk onderzoek in de dierenkliniek schudt ze zich meteen uit, gaat met haar lijf opzettelijk tegen mijn voet liggen en ontspant, om kort daarna net zo makkelijk weer op die behandeltafel te stappen. Maar theaterzalen, die zijn doodeng.
 
Nog één test
Sinds het blafincident van begin dit jaar heeft Wilka geen voorstellingen meer bezocht. Destijds reageerde ze op een enge scène en dus wilde ik haar niet plagen met voorstellingen met harde muziek of onverwachte geluiden. Maar alleen Simone Kleinsma en een pianist op een toneel dat ook nog eens aan de andere kant van de zaal is, dat moet ze wel kunnen. Dit keer geen horror zoals bij Yentl en De Boer of een zaal vol harige collega’s zoals bij een congres van KNGF Geleidehonden. Als ze het dan nog niet waardeert, moet ik andere conclusies trekken.

05 mei 2016

Zorgen in de chocoladefabriek


“Maar ondanks alles kon ik niet anders dan met Wilka meegaan. Als dat de eigenschap is van een kind dat nog droomt van een paradijs van snoep, dan hoop ik dat ik nooit volwassen word.” Zo eindigde ik mijn hoopvolle blog in januari 2015. Ik benoemde mijn toekomstige geleidehond Wilka tot mijn persoonlijke Willy Wonka, die mij ondanks ervaringen uit het verleden zonder veel moeite meekreeg op een nieuwe ontdekkingsreis. Freaser, Loni, Wilka. Driemaal is scheepsrecht, zegt men. En “ervaringen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst” is ook positief te interpreteren. Daarbij, statistisch gezien is de kans klein dat er weer iets misgaat: als je drie keer met een dobbelsteen gooit is de kans op verschillende cijfers immers groter dan dat je drie keer hetzelfde gooit. Het leven is echter geen simpele dobbelsteen of handig gebruikte zin. Je zou denken dat ik mijn lesje inmiddels wel zou hebben geleerd.

24 april 2016

VanVelzen en The Hibby GB's: muzikale medicijnmensen


“I know I know, life is not always easy. I know a way for you and I to be born again.” Dat eerste hoeft niemand me meer uit te leggen. Juist daarom is het zo fijn dat VanVelzen en The Hibby GB’s tijdens hun theatertour Call It Luck hun manier met het grote publiek – met mij – delen. Geen arts had een beter medicijn kunnen voorschrijven om me na een pittige week weer moed te geven. Muziek, wat is het toch een wonderlijk mooi iets.

10 april 2016

Individudag


“Mag ik van de roodharigen de blinde? En van de rolstoelers de WW’er? Kwartet!” Het banenspel wordt steeds makkelijker. Verzamel een paar medewerkers met uitkeringen en de subsidies stromen binnen. Of diegene vervolgens goed zijn werk doet, ach, wat maakt dat nog uit?
 
Een blinde buschauffeur. Volgens de systemen van de gemeente Utrecht geen enkel probleem. En dat terwijl een beperking nog steeds vaak reden tot afwijzing is. Mogelijkheden zien is zo eenvoudig nog niet bij een confrontatie met het onbekende. Bedrijven worden door regels aangemoedigd voorbij de beperking te kijken, maar lijken vooral de achterliggende subsidies te zien. Mensen afwijzen omdat ze niet in een bepaald hokje passen, mensen aannemen omdat ze dat wel doen; een logisch gevolg. De beperking wordt niet meer opgemerkt, meldt De Monitor. Geen reden tot feest, want nu zien ze slechts verschillen in uitkering. Mensen worden nog dieper hun hokje in geschopt en als er geen passend hokje voor hen is, dan grijpen ze dubbel mis: geen regeling die bedrijven stimuleert hen aan te nemen, maar ook geen oog voor het feit dat zij op de werkvloer andere zaken nodig hebben dan de meerderheid. Wel problemen, geen subsidie. Wat heeft zo iemand dan nog te bieden wat moeite doen waard is?

26 maart 2016

Delen


“Wauw, wat veel! Geweldig dat al die mensen er eens bij stilstaan dat het leven met die nare ziekte geen pretje is”, jubelt Anna.

Ans glundert. “Ja hë? En het is zo’n kleine moeite. Ik had niet verwacht dat het zo hard zou gaan. Geeft de burger moed.”

“Goed bezig”, beaamt Annet. “Doet me eraan denken, ik zag net een gevoelig berichtje langskomen over dat kinderen met een beperking meer respect verdienen. Meteen maar even gedeeld.”

“Jij snapt tenminste nog hoe het hoort in deze wereld. Het is toch van de zotte dat mensen zelfs dát niet meer kunnen opbrengen?” meldt Anton verontwaardigd.

“Ja, want neem dan mijn schoonzus. Thuis een grote mond over hoe respectloos mensen haar beperkte zoontje behandelen, maar openbaar delen, ho maar!”

“En wat dacht je van mijn oom? Volgens mij doet hij best goede dingen, maar op zijn tijdlijn niks te vinden. Zo bereikt hij alleen dat kleine clubje. Eeuwig zonde.”

“Kennen jullie mijn vriendin van de sportschool? Die had dat bericht over doven dus wel gelezen. Ze zei zelfs dat ze ook vond dat er meer begrip moet komen. Maar denken jullie dat ze het heeft gedeeld?”

“Tsss. Wie a zegt, moet ook b zeggen.” Alice fronst geërgerd. Volop instemmend geknik.

Onopgemerkt staat Brenda op. Ze loopt naar de kassa, waar een vrouw in een rolstoel haar lunch wil afrekenen. Zonder aarzelen verruilt ze diens gevallen pinpas voor een dankbare glimlach.

18 maart 2016

Van afleiding naar vakmanschap: Alles eromheen

Lekker op vakantie, een nationale ramp, een simpel kopje koffie: in hun voorstelling Alles eromheen stellen de cabaretiers Van der Laan en Woe dat al snel wordt vergeten waar het om gaat. De kern verdwijnt onder een flinke lading bijzaken en hysterie. Of nee, de heren stellen eigenlijk helemaal niets. Noem het een spiegel voorhouden, noem het aanzetten tot nadenken, noem het een avondje heerlijk lachen en loslaten. Wat je er verder van denkt of mee doet, dat mag je helemaal zelf weten. Ik houd ervan.
 
Show, don’t tell. Die les van mijn docente journalistiek staat diep in mijn geheugen gegrift. Van der Laan en Woe beheersen dit op een manier waar ik alleen nog maar van kan dromen. Met muziek, sketches en hilarische, stiekem herkenbare typetjes zetten ze niet alleen aan tot lachen, maar ook tot nadenken. “Dat een bezoeker van de voorstelling zich in zijn opvattingen niet alleen voelt staan lijkt [Van der Laan] troostend. Dat zou mooi zijn”, meldt een interessant artikel in het NRC. Hij slaat hiermee de spijker op zijn kop: dat lukt hen en dat ís ook fijn. Maar hoewel de ideeën van de heren (tot op zekere hoogte) uit hun voorstelling spreken en ik me hierin grotendeels kan vinden, is het niet een avondje alleen instemmend knikken of dom lachen om de gekkigheden van anderen. Prikkelend, dat is het best passende woord; preken komt in hun woordenboek niet voor.

24 februari 2016

Waar het om gaat


Five hundred twenty-five thousand six hundred minutes
Five hundred twenty-five thousand moments so dear
Five hundred twenty-five thousand six hundred minutes
How do you measure, measure a year?
In daylights, in sunsets
In midnights, in cups of coffee
In inches, in miles
In laughter, in strife
In five hundred twenty-five thousand six hundred minutes
How do you measure a year in the life?
[...]
In truths that she learned
Or in times that he cried
In the bridges he burned
Or the way that she died?
It's time now to sing out
Though the story never ends
Let's celebrate
Remember a year in the life of friends
Remember the love
 
Een kaartje of berichtje dat laat weten dat je aan me denkt. Me laten praten als dat nodig is. Echt luisteren en niet schromen je mening te geven. Me leren dat mijn verdriet een deel van mij is en er dus mag zijn. Laten zien dat ik nog steeds dezelfde ben. Met me lachen, praten en klieren zoals altijd. Zo duidelijk maken dat hulp vragen oké is, dat ik het nog doe ook. Net zo lang contact houden tot ik kan slapen. Een hand op mijn schouder leggen en zo zwijgend zeggen dat je meer ziet dan ik soms zou willen. Me eventjes apart nemen en vragen hoe het nu echt met me gaat. Accepteren dat ik onverwacht afwezig ben – al dan niet lijfelijk – als ik de kracht van emoties onderschat. Bestaande afstand respecteren. Het leven de kans geven me weer in haar stroom mee te nemen. Me steunen, maar niet leiden.
 
Geen massa’s mensen op de been. Geen schokkende foto’s op tv. Geen spandoeken of protesten. Geen journalisten die voor het land duiden hoe wordt gerouwd. Geen strijd op social media om te bewijzen hoe erg wordt meegeleefd. Geen grootse gebaren. Ogenschijnlijk kleine, maar o zo veelzeggende momenten. Dat is wat de wereld mooier maakt.