20 juli 2016

Voetstappen in het zand 2


Soms zie ik ze overal. Dan weer wil ik er dolgraag een vinden – ééntje maar – maar staar ik naar nietszeggend glad terrein. Ik tref ze aan op de meest onverwachte plekken. Ze domineren hun omgeving of liggen juist verscholen, stilletjes wachtend op oplettende passanten of toevallige vinders. En af en toe lijken ze ergens totaal niet thuis te horen en kan ik niet verklaren hoe ze daar zijn beland. Voetstappen in het zand.
 
Een paleontoloog achterhaalt aan de hand van eeuwenoude fossielen hoe het verleden was, het heden is ontstaan en de toekomst kan worden. Zo bestudeer ik voetstappen. Sommige afdrukken geven ook na grondig onderzoek hun geheimen niet prijs. Anderen zijn kraakhelder, of lijken vreemd genoeg jonger dan mogelijk is. Heel onverwacht bezie ik soms met onnadenkende of vertwijfelde blik een eerder gevonden voetstap vanuit een nieuwe invalshoek. Dan slaat de twijfel toe, verwerf ik waardevolle inzichten of accepteer ik iets dat ik diep van binnen al lang wist.
 
Deze voetstappen bieden richtlijnen voor de naald van mijn kompas. Het is aan mij te ontdekken wat het belang van die voetstappen is. Niemand die mijn conclusies bevestigt, mijn vragen beantwoordt. Onkundig, zonder diploma, word ik op pad gestuurd. Hoe moet ik ze duiden? Wanneer weet ik dat een bevinding klopt? Soms keer ik terug met meer onzekerheden dan toen ik vertrok. En toch, ondanks de ogenschijnlijk onmogelijke opgave, ben ik dankbaar voor elke voetstap die ze naliet, voor elke voetstap die ik vind.

29 juni 2016

Mijn achtvoetige leraar


Hij leerde me over vertrouwen op een ander, zelfvertrouwen en hoe die twee elkaar kunnen versterken. Over humor, samenwerken, onzekerheid, doorzetten, zelfreflectie, vriendschap. Zo’n tweeënhalf jaar geleden ging hij met pensioen. Destijds heel verdrietig, nu hebben we allebei al lang en breed vrede met onze nieuwe leefomstandigheden. En meer dan dat. Maar nu hij weer even onder mijn dak woont, merk ik dat onze band niet is verdwenen. Hoewel vooral zijn lijf erg is veranderd vergeleken met zijn jonge jaren en hij een stukje berustender is geworden, is hij vooral nog steeds diezelfde grote, lieve Freaser. Mijn eerste blindengeleidehond. Een hele, hele bijzondere hond.
 

12 juni 2016

She's back


Het geluid van hoog opspattend water verstoort de rust in het bos. Het daaropvolgende “Wilka! Hier!” klinkt nog veel minder vredig. Dat Wilka te pas en te onpas de modder in duikt, neem ik al lang voor lief. Maar deze vijver was uitdrukkelijk verboden terrein en na veel oefenen dacht ik die strijd gewonnen te hebben. Wilka denkt er – nadat ze de vijver maanden links liet liggen – duidelijk anders over. Het is niet eens een subtiele poging, maar een ouderwets goed bommetje. Na mijn uitroep wordt de spanning van twee tegenstrijdige prikkels (doorgaan met gestoord doen of luisteren?) haar zoals wel vaker te veel en volgen een aantal racerondjes dwars door de struiken, waarna ze zich toch maar komt melden. Het moge duidelijk zijn: de kleuter is terug.

28 mei 2016

Simone!: stijlvolle show, stressvolle tijd


De geur in theaterzalen is angstaanjagend. Verwachting en spanning van het publiek, artiesten die zich – al dan niet gespannen – in het zweet werken, schrik, verdriet, woede, ontlading, plezier. Avond na avond stapelt het zich op. De zaal ademt stress, intimiteit, heftige emoties. Een andere verklaring is er niet.
 
Al zolang ik haar ken, vindt Wilka theaterzalen spannend. Ze vliegt overeind bij applaus, hijgt, wil het liefst op schoot, kan haar draai niet vinden. Als de voorstelling zelf dan ook nog eng is, houdt ze het niet meer en laat ze van zich horen. En dat terwijl ze in de meest uiteenlopende situaties de rust zelve is. Zelfs na een wat pijnlijk onderzoek in de dierenkliniek schudt ze zich meteen uit, gaat met haar lijf opzettelijk tegen mijn voet liggen en ontspant, om kort daarna net zo makkelijk weer op die behandeltafel te stappen. Maar theaterzalen, die zijn doodeng.
 
Nog één test
Sinds het blafincident van begin dit jaar heeft Wilka geen voorstellingen meer bezocht. Destijds reageerde ze op een enge scène en dus wilde ik haar niet plagen met voorstellingen met harde muziek of onverwachte geluiden. Maar alleen Simone Kleinsma en een pianist op een toneel dat ook nog eens aan de andere kant van de zaal is, dat moet ze wel kunnen. Dit keer geen horror zoals bij Yentl en De Boer of een zaal vol harige collega’s zoals bij een congres van KNGF Geleidehonden. Als ze het dan nog niet waardeert, moet ik andere conclusies trekken.

05 mei 2016

Zorgen in de chocoladefabriek


“Maar ondanks alles kon ik niet anders dan met Wilka meegaan. Als dat de eigenschap is van een kind dat nog droomt van een paradijs van snoep, dan hoop ik dat ik nooit volwassen word.” Zo eindigde ik mijn hoopvolle blog in januari 2015. Ik benoemde mijn toekomstige geleidehond Wilka tot mijn persoonlijke Willy Wonka, die mij ondanks ervaringen uit het verleden zonder veel moeite meekreeg op een nieuwe ontdekkingsreis. Freaser, Loni, Wilka. Driemaal is scheepsrecht, zegt men. En “ervaringen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst” is ook positief te interpreteren. Daarbij, statistisch gezien is de kans klein dat er weer iets misgaat: als je drie keer met een dobbelsteen gooit is de kans op verschillende cijfers immers groter dan dat je drie keer hetzelfde gooit. Het leven is echter geen simpele dobbelsteen of handig gebruikte zin. Je zou denken dat ik mijn lesje inmiddels wel zou hebben geleerd.

24 april 2016

VanVelzen en The Hibby GB's: muzikale medicijnmensen


“I know I know, life is not always easy. I know a way for you and I to be born again.” Dat eerste hoeft niemand me meer uit te leggen. Juist daarom is het zo fijn dat VanVelzen en The Hibby GB’s tijdens hun theatertour Call It Luck hun manier met het grote publiek – met mij – delen. Geen arts had een beter medicijn kunnen voorschrijven om me na een pittige week weer moed te geven. Muziek, wat is het toch een wonderlijk mooi iets.

10 april 2016

Individudag


“Mag ik van de roodharigen de blinde? En van de rolstoelers de WW’er? Kwartet!” Het banenspel wordt steeds makkelijker. Verzamel een paar medewerkers met uitkeringen en de subsidies stromen binnen. Of diegene vervolgens goed zijn werk doet, ach, wat maakt dat nog uit?
 
Een blinde buschauffeur. Volgens de systemen van de gemeente Utrecht geen enkel probleem. En dat terwijl een beperking nog steeds vaak reden tot afwijzing is. Mogelijkheden zien is zo eenvoudig nog niet bij een confrontatie met het onbekende. Bedrijven worden door regels aangemoedigd voorbij de beperking te kijken, maar lijken vooral de achterliggende subsidies te zien. Mensen afwijzen omdat ze niet in een bepaald hokje passen, mensen aannemen omdat ze dat wel doen; een logisch gevolg. De beperking wordt niet meer opgemerkt, meldt De Monitor. Geen reden tot feest, want nu zien ze slechts verschillen in uitkering. Mensen worden nog dieper hun hokje in geschopt en als er geen passend hokje voor hen is, dan grijpen ze dubbel mis: geen regeling die bedrijven stimuleert hen aan te nemen, maar ook geen oog voor het feit dat zij op de werkvloer andere zaken nodig hebben dan de meerderheid. Wel problemen, geen subsidie. Wat heeft zo iemand dan nog te bieden wat moeite doen waard is?